Toeslagpartner zorgtoeslag bepalen

Heeft u een toeslagpartner? Dan is zijn of haar toetsingsinkomen ook van belang. Een toeslagpartner is de persoon met wie u samen een toeslag aanvraagt. Meestal is dat degene met wie u getrouwd bent of samenwoont. Als u een toeslagpartner hebt, telt de Belastingdienst zijn of haar inkomen mee. Weet u niet zeker of u een toeslagpartner heeft? Hieronder is voor u een checklist opgesteld, zodat u zelf kunt bepalen of er sprake is van een toeslagpartner. Het is belangrijk om te weten dat u maar één toeslagpartner kunt hebben.

Checklist indien u samenwoont:

Als u een echtgenoot of een geregistreerde partner, heeft is dat uw toeslagpartner. Heeft u die niet, dan kan iemand anders die ook op hetzelfde adres is ingeschreven, uw toeslagpartner zijn. Dan moet u wel aan een van de onderstaande voorwaarden voldoen:

  • U heeft een huisgenoot aangewezen als $scale partner voor de inkomstenbelasting.
  • U heeft bij de notaris een samenlevingscontract afgesloten met een huisgenoot.
  • U heeft samen een kind.
  • Een van u heeft een kind van de ander erkend.
  • U leeft samen met iemand die vorig jaar ook al uw toeslagpartner was.
  • U bent pensioenpartners.
  • U hebt samen een koopwoning en bent samen aansprakelijk voor de hypotheek.

De voorwaarden in deze lijst staan op volgorde van belangrijkheid. Als u bijvoorbeeld samenwoont met iemand waarmee u een kind heeft, terwijl u met een andere persoon een koopwoning heeft, dan beschouwt de Belastingdienst degene met wie u een kind hebt als uw toeslagpartner. 

Uitzonderingen

Voor veel mensen is de echtgenoot, of degene met wie men een geregistreerd partnerschap heeft, de toeslagpartner, maar dat hoeft niet per sé. Ook een medebewoner kan bijvoorbeeld uw toeslagpartner zijn. Dat is het geval wanneer u samenwoont met bijvoorbeeld een broer, zus, vriend of vriendin. Die persoon is dan uw toeslagpartner als u in het jaar waarvoor u toeslag aanvraagt voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • U staat langer dan 6 maanden onafgebroken met die persoon op hetzelfde adres ingeschreven.
  • U voert in die periode een gezamenlijke huishouding.
  • U bent allebei 18 jaar of ouder.

Uw kinderen, kleinkinderen, ouders en grootouders kunnen geen toeslagpartner van u zijn. Als u met uw broer of zus bij uw ouders woont, kan uw broer of zus geen toeslagpartner van u zijn.

Checklist indien u niet samenwoont:

Ook als u niet met uw partner samenwoont kan de Belastingdienst toch bepalen dat u een toeslagpartner heeft. Leeft u niet duurzaam gescheiden, maar woont uw echtgenoot of geregistreerde partner wel op een ander adres? Dan is die persoon alsnog uw toeslagpartner. Dit kan voor komen wanneer uw partner bijvoorbeeld tijdelijk in het buitenland werkt en woont.

Of als uw partner in een verpleeghuis woont, gaat de Belastingdienst ervan uit dat u niet duurzaam gescheiden leeft. U bent dan gewoon partners voor de toeslagen. Wilt u wel als duurzaam gescheiden worden beschouwd? Dan moet u doorgeven aan de Belastingdienst dat u ongetrouwd bent.